De tijd is rijp!

Het is tijd voor een stille taalrevolutie, één waar vrouwen en mannen dringend aan toe zijn.

Dit boek lijkt over taal te gaan en dat is ook zo. Maar het gaat over veel meer dan dat. Al minstens 3000 jaar omschrijven we God met mannelijke woorden. Maar God is geen man. Het lijkt misschien alsof deze misvatting niet uitmaakt, maar ondertussen is een wereld gecreëerd waarin mannelijkheid domineert. Alle feministische en emancipatierondes ten spijt: zolang we aan dit incorrecte fundament niets doen, blijft ongelijkheid een vanzelfsprekendheid.

Het gevolg van de eeuwenlange mannelijke dominantie is dat vrouwelijk leiderschap en vrouwelijke spiritualiteit in vergetelheid zijn geraakt. Er gaan generaties overheen voor we de oorspronkelijke gelijkheid weer ervaren en voelen. Vrouwelijke leiders doen hun best op te boksen tegen het heersende mannelijke. Maar vrouwelijk leiderschap is niet louter het aannemen van een job in een door mannen gecreëerd arbeidsklimaat. Vrouwelijk leiderschap zit verborgen onder allerlei emoties en overtuigingen. We kennen het niet meer en we missen het. Het in balans brengen van de taal is onderdeel van het herstellen van de balans tussen vrouwelijk en mannelijk. Ook mannen hebben daar belang bij.

Taal creëert werkelijkheid

Woorden hebben effect. Juiste taal creëert  juiste effecten. In onze taal wordt vaak ‘hij’, ‘hem’ en ‘zijn’ gebruikt voor onderwerpen die niet mannelijk zijn (in veel mindere mate ook ‘zij’ en ‘haar’ voor niet vrouwelijke onderwerpen). Dat heeft het effect dat het mannelijke als belangrijker wordt ervaren dan het vrouwelijke.

Aanpassingen

In het boek vind je alle aanpassingen die nodig zijn de taal helemaal sekse-bewust te maken. Om te beginnen twee nieuwe voornaamwoorden voor alle onderwerpen die niet specifiek vrouwelijk of mannelijk zijn. (Een simpele geavanceerde vervanging voor het woordgeslacht). Met die twee voornaamwoorden creëren we voelbaar balans.  Voor beroepsnamen is een eenvoudig maar compleet systeem ontwikkeld waarbij beroepsnamen altijd in de juiste vorm gezet kunnen worden. De  aanpassingen zijn ingebed in onze taal en worden uitvoering onderbouwd.

Het doorvoeren van seksebewuste taal kan niet achterblijven in deze tijd waarin emancipatie en feminisme een andere lading krijgen: we dringen meer door tot de kern. Het valt hoe langer hoe meer mensen op dat de taal niet klopt. We zijn gelijk en dat hoort in de taal tot uitdrukking te worden gebracht.

Voor God zijn woorden ontwikkeld die het mogelijk maken ‘De Almachtige’ als niet-seksegerelateerd begrip te verwoorden. Door het aanpassen van de bijbel komt er een duidelijke scheidslijn tussen God en de vele (hoofdzakelijk mannelijke) personages. Een verademing.

Als niet ontkent kan worden dat woorden effect hebben (en dat kan niet) kan doordringen dat het niet zo onschuldig om onjuist mannelijke woorden te blijven gebruiken. Het is dan logisch en noodzakelijk dat ook de overheid de taal gaat aanpassen. Het burgerlijk wetboek bijvoorbeeld, staat vol met ‘hij’s’, ‘hem’s en ‘zijn’s’ waarmee ook vrouwen bedoeld worden maar waardoor zij in feite buiten de wet vallen.

 

 

 

 

 

Toen ik voor het eerst hoorde over God is geen man dacht ik: Als het maar geen anti-mannen boek wordt. Toen ik de subtitel zag – De noodzakelijke taalupdate na 3000 jaar – werd ik nieuwsgierig. Gaandeweg was ik verbluft over zoveel onderzoekswerk en de nieuwe kracht van vij en ins.
Wat ik zo leuk vind, is dat we erover kunnen praten wat we willen, maar Mieke van Nistelrooij heeft een eenvoudige oplossing om de taal aan te passen. Ik ben onder de indruk van het boek en het zou wat mij betreft geweldig zijn als dit boek de aanzet is om onze taal aan te passen. Ik doe mee!
Margo Bruins

Meer reacties vind je onder ‘over het boek’.

Stel hier je vraag, of stuur een reactie.

2 + 1 =